Het recht op vrije keuze professioneel rechtshulpverlener: de huidige stand van zaken

Rechtsbijstandsverzekeraars moeten ook een professioneel rechtshulpverlener betalen voor overheidsprocedures. Dat is het gevolg van twee arresten van het Europese Hof van Justitie.

Eerder oordeelde het hof in het arrest Sneller/DAS, C-442/12 dat een verzekerde in administratieve en gerechtelijke procedures recht heeft op rechtsbijstand door een, professioneel rechtshulpverlener en geen genoegen hoeft te nemen met een werknemer van de verzekeraar.

In de twee recente arresten komt de vraag aan de orde is of dit ook geldt voor procedures bij de overheid. Die vraag is nu met ja beantwoord. In het ene arrest (Zaak C-460/14 Massar) vroeg de verzekerde aan DAS Rechtsbijstand vergeefs of deze de kosten wilde betalen voor rechtsbijstand door een externe professioneel rechtshulpverlener. Het ging om een ontslagprocedure bij het UWV. Volgens DAS gaat het hierbij echter niet om een gerechtelijke of een administratieve procedure, maar om een procedure bij een overheidsorgaan. Die zou niet gedekt zijn door de rechtsbijstandsverzekering. Externe professionele rechtshulp is nu dus wel mogelijk.

In het andere arrest C-5/15 Büyüktipi ging het om een administratieve bezwaarprocedure tegen het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ), dat vaststelt op welke zorg op iemand recht heeft op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten.

In zijn arresten van bevestigt het Hof dat het begrip ‘administratieve procedure’ in richtlijn 87/344 (rechtsbijstandverzekeringen) ook slaat op procedures in deze zaken. De betrokkenen hebben dus recht op bijstand door een externe professioneel rechtshulpverlener.

Zie ook: ECLI:EU:2016:216